Auteur: Willie van Peer

Een klankbeeld bekekenThe sound image of Segou

Een klankbeeld bekekenThe sound image of Segou

Van klank kun je normaal niet echt een beeld maken. Toch zou je deze rubriek moeten beginnen met een zwart vierkant:

Zo ziet het hier ‘s nachts uit (als de maan niet schijnt). Alles is in diepe slaap gedompeld en de inktzwarte nacht omhult je met zijn zwarte handschoenen. Je denkt dat dit nog een hele tijd kan doorgaan, maar dan gebeurt er iets. Wanneer precies is ons nog niet zo duidelijk: volgens Mimi is het rond 4 u., volgens mij eerder rond halfzes ‘s ochtends. Maar ineens ontstaat uit dit zwarte gat een nieuw heelal. Een echte ‘big bang’. Wat is er aan de hand? Het is het eerste gebed van de moslims. Iemand zit heel ongeduldig op dat gebed te wachten en daarom moet er massaal ruchtbaarheid aan worden gegeven. Er is hier slechts één moskeetje iets verder in de straat en de versterking die ze daar voor het gebed gebruiken is zeer bescheiden. Maar nu, om uit het zwarte vierkant te treden, is het alsof we omgeven zijn door een dozijn moskeeën, waarvan de muezzins doen alsof hun leven ervan af hangt door op te roepen tot het gebed. Ik hou eigenlijk van de muezzin: hij geeft regelmaat en structuur aan de dag, en gezien ik hier geen horloge meer draag (indachtig het Afrikaans gezegde “Vous Européens, vous avez des montres, mais nous avons le temps”), helpt de muezzin om een beetje ordening aan te brengen in de dikke brei van Afrikaanse tijd. Alleen: een gezang tot de allerhoogste zou toch tenminste mooi moeten klinken. (En mocht je een echt prachtige Azan – morgengebed – willen horen, weliswaar uit Turkije, dan is dit wat – met zo’n muziek wil ik elke dag van mijn leven gewekt worden! Toegegeven, het is pentatonische muziek, zoals ons Gregoriaans, trouwens, en je moet je daaraan overgeven en het Wohltemperierte Klavier vergeten, maar dan gaat een wereld van muzikale schoonheid open: Azan, het islamitische morgengebed. Maar wat de muezzins hier presteren moet niet onderdoen voor wat de kosters in mijn kinderjaren presteerden: elke muzikale neiging bruusk de kop indrukken, elk esthetisch gevoel ondermijnen – OF: het juist allemaal tot verzet nopen, verzet tegen de officiële kosters.

De muezzins hier zingen niet mooi, maar hard genoeg om iedereen wakker te maken. Wel ga je na verloop van tijd verschillende stemmen herkennen, en hoe elk van de muezzins een eigen stijl heeft, soms een diepe sonore stem die het gebed slechts 1 keer zingt, soms een hoge bariton die in een gevecht met een storm-op-zee gewikkeld lijkt, een ander onverschillig maar eindeloos herhalend.

Het netto effect is in ieder geval dat nu iedereen mee gaat doen: de hanen beginnen te kraaien, de ezels te balken, de schapen te blaten. Het hele dorp staat plots in rep en roer. Lawaai. Onmogelijk om niet deel te nemen. Behalve de slapenden. Die draaien zich nog een keertje om. En waarachtig, na een half uurtje houdt de storm op en wordt alles weer heel rustig, zelfs de hanen vergeten te kraaien. Dan rond zonsopgang (rond 6 u.) is alles stil, sommige mensen komen uit hun huizen, er verschijnen de eerste kinderen op straat, maar alles is kalm.

De rest van de dag blijft alles rustig, maar vrachtwagens komen aan- en afrijden voor het zand uit de Niger, en de schapen beginnen hartstochtelijk te blaten wanneer een meisje op de hoek begint te wenen. Nu kabbelt het rumoer van gezapig en veraf tot rumoerig, vaak gevoed door grote groepen kinderen die door de straten lopen: in Mali heb je steeds met een zee aan kinderen te maken (de helft van de bevolking is jonger dan 25 jaar!). Soms heb je de indruk dat je op een boerderij in de Vlaanders bent, zo kraait en blaat het hier. Maar tijdens de zengende hitte van de middag is alles stil.

Tegen de avond aan wordt alles wat luidruchtiger: de kinderen spelen wat gevaarlijker, de volwassenen komen naar buiten. En bij zonsondergang rond 18 u, precies 12 uur na de zonsopgang (alle dagen zijn hier even lang!) roept de muezzin nog een laatste keer voor het gebed. En als je toch nog eens een doorleefd en mooi gezang uit de Islam wil horen, luister dan naar:  Voorzanger in islamitisch gebed.  De volgende uren zijn donker, echt donker, want er is hier geen straatverlichting, en wat je hoort, wordt gedempt door de duisternis. De cicaden beginnen aan hun eindeloos eentonig nachtlied, dat echter geruststelt en een intimiteit schept.

Ten minste: wanneer er geen huwelijk wordt gevierd of wanneer jongelui een feestje gaan bouwen met hun 10.000 Watt versterkers. Dan kun je je best je oordopjes instoppen want het (werkelijk idiote) lawaai duurt … precies uit eerlijke schaamte tot de oproep tot het eerste gebed….Van klank kun je normaal niet echt een beeld maken. Er zijn wel mensen zoals Nabokov (niet de minste!) die beweerden dat ze klanken konden ‘zien’ of kleuren konden ‘horen’ (synesthesie, heet dat). En er is het beroemde gedicht van Arthur Rimbaud “Voyelles”, dat voor elke Franse klinker een gezichtsindruk wekt:

 

Vowels

 

                                (Voyelles)

 

A black, E white, I red, U green, O blue: vowels

Someday I’ll talk about your secret birth-cries,

A, black velvet jacket of brilliant flies

That buzz around the stenches of the cruel,

 

Gulfs of shadow: E, candour of mists, of tents,

Lances of proud glaciers, white kings, shivers of parsley:

I, purples, bloody salivas, smiles of the lonely

With lips of anger or drunk with penitence:

 

U, waves, divine shudders of viridian seas,

Peace of pastures, cattle-filled, peace of furrows

Formed on broad studious brows by alchemy:

 

O, supreme Clarion, full of strange stridencies,

Silences crossed by worlds and by Angels:

O, the Omega, violet ray of her Eyes!

 

 

 

 

 

Toch zou je deze rubriek moeten beginnen met een zwart vierkant:

Zo ziet het hier ‘s nachts uit (als de maan niet schijnt). Alles is in diepe slaap gedompeld en de inktzwarte nacht omhult je met zijn zwarte handschoenen. Je denkt dat dit nog een hele tijd kan doorgaan, maar dan gebeurt er iets. Wanneer precies is ons nog niet zo duidelijk: volgens Mimi is het rond 4 u., volgens mij eerder rond halfzes ‘s ochtends. Maar ineens ontstaat uit dit zwarte gat een nieuw heelal. Een echte ‘big bang’. Wat is er aan de hand? Het is het eerste gebed van de moslims. Iemand zit heel ongeduldig op dat gebed te wachten en daarom moet er massaal ruchtbaarheid aan worden gegeven. Er is hier slechts één moskeetje iets verder in de straat en de versterking die ze daar voor het gebed gebruiken is zeer bescheiden. Maar nu, om uit het zwarte vierkant te treden, is het alsof we omgeven zijn door een dozijn moskeeën, waarvan de muezzins doen alsof hun leven ervan af hangt door op te roepen tot het gebed. Ik hou eigenlijk van de muezzin: hij geeft regelmaat en structuur aan de dag, en gezien ik hier geen horloge meer draag (indachtig het Afrikaans gezegde “Vous Européens, vous avez des montres, mais nous avons le temps”), helpt de muezzin om een beetje ordening aan te brengen in de dikke brei van Afrikaanse tijd. Alleen: een gezang tot de allerhoogste zou toch tenminste mooi moeten klinken. Maar wat de muezzins hier presteren moet niet onderdoen voor wat de kosters in mijn kinderjaren presteerden: elke muzikale neiging bruusk de kop indrukken, elk esthetisch gevoel ondermijnen – OF: het juist allemaal tot verzet nopen, verzet tegen de officiële kosters.

De muezzins hier zingen niet mooi, maar hard genoeg om iedereen wakker te maken. Wel ga je na verloop van tijd verschillende stemmen herkennen, en hoe elk van de muezzins een eigen stijl heeft, soms een diepe sonore stem die het gebed slechts 1 keer zingt, soms een hoge bariton die in een gevecht met een storm-op-zee gewikkeld lijkt, een ander onverschillig maar eindeloos herhalend.

Het netto effect is in ieder geval dat nu iedereen mee gaat doen: de hanen beginnen te kraaien, de ezels te balken, de schapen te blaten. Het hele dorp staat plots in rep en roer. Lawaai. Onmogelijk om niet deel te nemen. Behalve de slapenden. Die draaien zich nog een keertje om. En waarachtig, na een half uurtje houdt de storm op en wordt alles weer heel rustig, zelfs de hanen vergeten te kraaien. Dan rond zonsopgang is alles stil, sommige mensen komen uit hun huizen, er verschijnen de eerste kinderen op straat, maar alles is kalm.

De rest van de dag blijft alles rustig, maar vrachtwagens komen aan- en afrijden voor het zand uit de Niger, en de schapen beginnen hartstochtelijk te blaten wanneer een meisje op de hoek begint te wenen. Nu kabbelt het rumoer van gezapig en veraf tot rumoerig, vaak gevoed door grote groepen kinderen die door de straten lopen: in Mali heb je steeds met een zee aan kinderen te maken (de helft van de bevolking is jonger dan 25 jaar!). Soms heb je de indruk dat je op een boerderij in de Vlaanders bent, zo kraait en blaat het hier. Maar tijdens de zengende hitte van de middag is alles stil.

Tegen de avond aan wordt alles wat luidruchtiger: de kinderen spelen wat gevaarlijker, de volwassenen komen naar buiten. En bij zonsondergang rond 19 u, precies 12 uur na de zonsopgang (alle dagen zijn hier even lang!) roept de muezzin nog een laatste keer voor het gebed. De volgende uren zijn donker, echt donker, want er is hier geen straatverlichting, en wat je hoort, wordt gedempt door de duisternis. De cicaden beginnen aan hun eindeloos eentonig nachtlied, dat echter geruststelt en een intimiteit schept.

Ten minste: wanneer er geen huwelijk wordt gevierd of wanneer jongelui een feestje gaan bouwen met hun 10.000 Watt versterkers. Dan kun je je best je oordopjes instoppen want het (werkelijk idiote) lawaai duurt … precies uit eerlijke schaamte tot de oproep tot het eerste gebed….

Bedelende meisjesBegging girls

Bedelende meisjesBegging girls

Tussen de honderden bedelende jongetjes die je hier op straat ziet, zie je eigenlijk nooit een meisje. Die worden angstvallig thuisgehouden, mede ook natuurlijk om het zware werk daar te doen, of ze worden de stad ingestuurd, om daar te ‘dienen’ (zoals dat bij ons in de 19de E heette). Daar verdienen ze vrijwel niets voor een slavenleven: van 6 u. ‘s ochtends tot minstens 6 u. ‘s avonds, vaak tot middernacht, zijn ze in de weer niet slechts met huiselijke taken maar ook met zwaar fysisch werk. (Ooit al eens een jerrycan van 20 liter op je hoofd enkele kilometer verplaatst? BESLIST eens proberen!) Het gaat vaak om meisjes van 14-15 jaar, en wanneer ze na een jaar dienen (waarin ze niet één Euro verdiend hebben) op huisbezoek gaan, zijn ze meestal zwanger, en mogen dan van geluk spreken dat ze niet met HIV besmet zijn. Of ze worden de prostitutie ingestopt. Officieel is dat verboden in Mali, maar de Malinese manier is om over heikele dingen niet te spreken …. dan bestaan ze niet!

De Koran laat hier ook weinig onduidelijkheid over bestaan: Sura 24, vers 33 zegt duidelijk:

“But force not your maids to prostitution when they desire chastity, in order that ye may make a gain in the goods of this life. But if anyone compels them, yet after such compulsion, is Allah Oft-Forgiving, Most Merciful (to them).” (Ali 2009: 39)

Voor wie aan de vertaling mocht twijfelen, hier is die van Abdel Haleem (2005):

“Do not force your slave-girls into prostitution when they themselves wish to remain honourable, in terms of your quest for the short-time gains of this world, although, if they are forced, God will be forgiving and merciful [to them].” (p. 223)

Of die van Arkoun (Paris: 1970):

“Ne forcez point vos servants a se prostituer, si elles désirent se prémunir contre la prostitution en vue des biens de ce monde. Si quelqu’un les y forçait,  Dieu sera indulgent et aura pitié d’elles. De ce qu’elles n’ont fait de mal par contrainte.” (p. 276)

Of die van Henning (1960):

“Und zwingt nicht euere Sklavinnen zur Hurerei, wo sie keusch leben wollen, in Trachten nach dem Gewinn des irdischen Lebens. Und wenn sie einer zwingt, siehe, so ist Allah, nachdem sie gezwungen wurden, vergebend und barmherzig.” (p. 338)

Geen woord over diegenen die de meisjes tot prostitutie dwingen, dat is kennelijk OK, daar hoeft kennelijk geen vergevingsgezinde Allah aan te pas te komen. Ook het motief dat wordt aangegeven is interessant: je moet er niet op uit zijn, geld te verdienen met het prostitueren van je dienstmeisjes. Kennelijk gaat het in de tekst om een wereld waarin het dwingen tot prostitutie van afhankelijke meisjes tot de alledaagse geplogenheden behoort. (Waarom er anders een waarschuwing tegen uitvaardigen?) Interesssant boek, die Koran! Waarom vertellen de Arabisten en Islamologen ons niet meer over wat daar allemaal in staat, maar moeten wij dat op TV van hitsige jonge mannen horen, die waarschijnlijk nog nooit de Koran gelezen hebben?!!

Maar goed, gisteren werd ik op straat aangeklampt door een 6-tal bedelende <em>meisjes</em>, wat ik nog niet eerder had gezien. Het was duidelijk dat ze als groepje opereerden, wellicht om in hun eigen veiligheid te voorzien. Ik had niet veel om ze te geven (en geld geven we sowieso nooit!), dus ik gaf ze een tomaat. Toen ik naar mijn fiets toestapte, kwamen ze me allemaal tegemoet gelopen, gaven me een hand en kusten me op mijn armen. Ik hoop maar dat ze niet denken dat ik ook een ‘marabout’ ben….

Referenties:

Ali, Abdullah Yusuf. The Holy Qur’an. New Delhi: 2009.

Abdel Haleem, M.A.S.: The Qur’an. Oxford University Press, 2005.

Arkoun, Mohammed. Le Coran. Paris: Flammarion, 1970.

Henning, Max. Der Koran. Stuttgart: Reclam, 1960.

 

Over het bedelen van de leerlingen van de Koranscholen, zie de BBC reportages:

http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/2838201.stm

http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/8621743.stm

of:

http://www.hrw.org/news/2010/04/15/senegal-boys-many-quranic-schools-suffer-severe-abuse

http://www.superkoran.info/forums/viewtopic.php?f=1&t=5425

http://www.biyokulule.com/view_content.php?articleid=2695

http://www.msnbc.msn.com/id/24229321/ns/world_news-africa/t/some-islamic-schools-turn-kids-beggars/Amidst the (literally) hundreds of begging boys one meets in the street here, there is hardly ever a girl. That is because girls are painstakingly hidden in the house, to help their mothers do the household. Or they are sent to town to serve as a maid (as was usual in Europe until the first half of the 20th century). There they earn virtually nothing. For a slave life that begins at 6 a.m. and runs through 6 p.m., often even until midnight. (Usually they just get a meal in return for that – Malians, though Muslims, are not particularly compassionate among themselves, that is rather something that is expected of white strangers.) During that time they are occupied not just with household chores, but also with heavy physical labour. (Ever tried to move a 20-liter jerrycan filled with water for a couple of miles? You should DEFINITELY have a try!!)

Most of these girls are about 14-15 years of age, and when they return to their village after a year or so they have not a single earning to bring in, are oft pregnant, and may be quite happy when they are not HIV infected. Or, if they are not sent out to serve as a maid, they may be put in prostitution. Especially orphan girls, or ones that have weak family protection, often end there. Officially prostitution is illegal in Mali, but the police are some of the customers…. And the Malian way of treating problems is NOT to talk about them … then the problems simply don’t exist!

The Qur’an is enlightening in this respect. Sura 24, vers 33 says:

“But force not your maids to prostitution when they desire chastity, in order that ye may make a gain in the goods of this life. But if anyone compels them, yet after such compulsion, is Allah Oft-Forgiving, Most Merciful (to them).” (Ali 2009: 39)

For those readers who doubt the accuracy of translation, here is the one by Abdel Haleem (2005):

“Do not force your slave-girls into prostitution when they themselves wish to remain honourable, in terms of your quest for the short-time gains of this world, although, if they are forced, God will be forgiving and merciful [to them].” (p. 223)

Or the one by Arkoun (Paris: 1970):

“Ne forcez point vos servants a se prostituer, si elles désirent se prémunir contre la prostitution en vue des biens de ce monde. Si quelqu’un les y forçait, Dieu sera indulgent et aura pitié d’elles. De ce qu’elles n’ont fait de mal par contrainte.” (p. 276)

Or Henning’s (1960):

“Und zwingt nicht euere Sklavinnen zur Hurerei, wo sie keusch leben wollen, in Trachten nach dem Gewinn des irdischen Lebens. Und wenn sie einer zwingt, siehe, so ist Allah, nachdem sie gezwungen wurden, vergebend und barmherzig.” (p. 338)

Remarkable: not a single word about those who force young dependent girls in prostitution, apparently that is OK, no need for tha all-forgiving Allah to say something about this. Also the motive is interesting: you shouldn’t try to get money through prostituting your maids. Obviously the text is about a world in which forcing young girls into prostitution is something universally common. (Why, otherwise, would you have to fulminate against it?) Interesting book, this Qur’an. But why are Arabists and Islamologists not telling us such things, but do we have to listen on TV to the ranting of young men who in all probability have never quietly sat over the text of this book?

But OK, yesterday, I was accosted near the market by some 6 begging girls, something I had not experienced before. It was clear that they operated in group, presumably to provide protection to each other. I did not have much to donate, so I gave them a tomato. On going toward my bicycle, they stormed after me, shaking my hand and kissing my arms. I hope they did / do not take me for some kind of marabout…..

 

References:

Ali, Abdullah Yusuf. The Holy Qur’an. New Delhi: 2009.

Abdel Haleem, M.A.S.: The Qur’an. Oxford University Press, 2005.

Arkoun, Mohammed. Le Coran. Paris: Flammarion, 1970.

Henning, Max. Der Koran. Stuttgart: Reclam, 1960.

 

About begging by pupils of Koranic schools, see the BBC reports:

http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/2838201.stm

http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/8621743.stm

or:

http://www.hrw.org/news/2010/04/15/senegal-boys-many-quranic-schools-suffer-severe-abuse

http://www.superkoran.info/forums/viewtopic.php?f=1&t=5425

http://www.biyokulule.com/view_content.php?articleid=2695

http://www.msnbc.msn.com/id/24229321/ns/world_news-africa/t/some-islamic-schools-turn-kids-beggars/

Brieven aan de MinistersLetters to Ministers

Brieven aan de MinistersLetters to Ministers

Beste Lezers,

Op 29 juli van dit jaar schreven we een uitgebreid verzoek aan Karel de Gucht (Europees Commissaris van Handel) met cc. aan diverste Belgische en buitenlandse Ministeries en ambassades / consulaten. Alleen de Franse ambassadeur heeft tot nu toe hierop geantwoord (zij het het een jantje van leiden: dat hij verantwoordelijk is voor de ‘innocents Français’ die in Niger (!! Niet in Mali dus…) ontvoerd zijn. Men vraagt zich daarbij ook af of de kinderen die hier nu door het Franse negatieve reisadvies honger leiden, misschien niet evenzeer ‘innocents’ zijn). Maar afgezien daarvan hebben de Belgische autoriteiten er het zwijgen toe gedaan. Met één uitzondering: op 19 augustus werd ik thuis in Antwerpen opgebeld door de Heer Rik Wouters, kabinetschef van Minister Vanackere, Minister van Buitenlandse Zaken (en dus de verantwoordelijke voor het negatieve reisadvies over Mali.) De Heer Wouters heeft mij één zin meegedeeld: “U moet schrijven, dan zal ik antwoorden.” (Wat ik diende te schrijven, was mij niet zo duidelijk, want ik HAD net geschreven, maar goed, meteen kreeg de Heer Wouters en Minister Vanackere een nieuw schrijven. Maar van de tweede zin van de Heer Wouters is tot op heden (13.11.11) niets in huis gekomen.

Ik begrijp ook wel dat Mali niet bovenaan de agenda van onze bewindslieden staat, daarom heb ik ook behoorlijk wat geduld geoefend. Maar wanneer na 5 maanden er nog steeds geen teken van leven is, begint men zich toch de vraag te stellen of de Minister onze emails heeft ontvangen.

Hieronder vindt u kopieën van de net verzonden emails. Of er ooit een antwoord op komt? We houden jullie in ieder geval op de hoogte!! (En natuurlijk kun je zelf ook de nodige vragen aan de desbetreffende bewindslieden stellen….)

———————————–

Geachte Heer Vanackere,

Op 29 van dit jaar stuurde ik u in cc een kopie van een email met het verzoek om uw invloed te willen uitoefenen om een meer genuanceerd reisadvies voor Mali binnen de Europese Unie te verspreident. U vindt deze email onderaan te uwer attentie.

Op 19 augustus jl werd ik persoonlijk opgebeld door uw kabitnetschaf, de Heer Dirk Wouters, die mij verzocht: “U moet eerst schrijven, dan zal ik antwoorden.” Ik heb u dus onmiddelijk opnieuw de argumentatie toegestuurd (zie eveneens onderaan deze email), maar van de tweede helft van de zin van de Heer Wouters is tot op heden niets gekomen. In de desbetreffende email wordt verwezen naar naar de onderzoeksgegevens van het Freedom House, een onafhankelijke onderzoeksinstelling, die in haar jaarverslag steeds weer tot de conclusie komt dat Mali, naast Zuid-Afrika en enkele kleine landjes, het enige echt democratische land in Afrika is. Men zou dus verwachten dat u als beleidsvoerder er alles aan zou doen om de democratische instellingen in dit land te steunen en te verstevigen.

Precies omdat de Malinese overheid de voorbije jaren ingezet had op de ontwikkeling van een toeristische infrastructuur, die het land de nodige deviezen moest opbrengen voor verdere economische ontwikkeling, heeft echter het negatieve reisadvies van uw kabinet de hele Malinese economie een zware slag toegebracht, met als gevolg dat de armoede vrij spel krijgt.

Als tijdelijke bewoner van dit land ben ik uiteraard van dichtbij betrokken bij deze ontwikkeling die me naar de keel grijpt – temeer omdat deze maatregel eerder op angst lijkt gebaseerd dan op feitelijke gegevens. Daarom wil ik u nogmaals vragen of de inlichtingen waarover u beschikt betrouwbaar zijn… Zijn uw inlichtingen dan even goed als die van de CIA die zeker wist dat Irak over massavernietigingswapens beschikte? Waar zijn de feiten waarop het Belgische reisadvies (met betrekking tot Mali!) is gebaseerd?

Dat Mali niet tot Uw top-prioriteiten (daarom heb ik ook heel wat geduld geoefend: sind 29 juli!), ligt voor de hand, maar dat door het negatieve EU reisadvies, Malinese kinderen de hongerdood sterven, is ontoelaatbaar. Daarvoor schaam ik me diep, én als EU burger én als Belgisch  ontwikkelingswerker in dit jonge, maar democratische land.

Ik wil u vragen of u mijn emails ontvangen heeft, en of u, als verkozene van het volk, bereid en in staat bent om op ernstige vragen van burgers (die u verkozen hebben) te antwoorden.

Met vriendelike groeten,

Prof. Willie van Peer, Ph.D.

————————————-

Aan de heer Karel De Gucht

Member of the European Commission

BE-1049 Brussels

Antwerpen, 29 juli 2011

Betreft: Negatieve reisadviezen voor Mali

Geachte heer De Gucht,

Als Europees Commissaris voor Handel en voormalig Commissaris voor Ontwikkelingshulp en Humanitaire Hulp bent u meer dan wie ook op de hoogte van Europa’s politiek tegenover Mali. Ondergetekenden betreuren in het bijzonder de laatste ontwikkelingen dienaangaande.

Sinds bijna een jaar wordt het EU-burgers ten stelligste afgeraden Mali te bezoeken. Officiële reden is een verhoogd gevaar voor terrorisme. Dit reisadvies is op vrijwel alle officiële websites te lezen en een aantal reislustigen werd ook persoonlijk gecontacteerd door ambassadepersoneel van België. Toch waren er de voorbije maanden geen incidenten in Mali – wél in de buurlanden.

Mali heeft dan ook een bijzonder stabiele regering, met aan het hoofd een partijloze vrouwelijke eerste minister naast een liberaal en vooruitstrevend president, die anders dan alle andere Afrikaanse presidenten geen derde ambtstermijn ambieert. Dat pleit voor het democratisch gehalte van deze regering, die het toerisme aanmoedigde, in de veronderstelling dat hierdoor de Malinese economie zou aantrekken, de extreme armoede zou verminderen en tegelijk universele waarden en systemen ingang zouden vinden in de Malinese samenleving. Want Mali opteert voor progressieve hervormingen op verschillende niveaus van de samenleving.

Precies daarom is het bijzonder pijnlijk vast te stellen dat Europa geen oog heeft voor de goodwill van deze regering. Integendeel, Europa’s draconische reisadviezen treffen Mali’s prille economie in het hart. De grootste slachtoffers zijn de gewone Malinezen, en niet AQMI. Bovendien betekent een dergelijke internationaal gecoördineerde aanpak gratis promotie voor AQMI, dat in de verpauperde regio’s het gat vult waar de andere (westerse) werkgevers zijn weggevallen. De groeiende economische én culturele isolatie van het land vergroten immers de materiële en geestelijke verarming van de bevolking. Dergelijke ontwikkeling vond ook in andere regio’s plaats en dreigt zich hier te herhalen.

Vandaar deze vraag om – in Mali’s én in Europa’s belang – uw persoonlijke invloed aan te wenden om deze uit de hand gelopen situatie om te buigen in een meer verantwoorde samenwerking met Mali. Primordiaal daarbij is dat het international reisadvies voor Mali wordt bijgestuurd – zowel door België als door de andere Europese landen. Gebeurt dit niet op korte termijn, dan kan dit op langere termijn tot een historische negatieve ontwikkelingsspiraal leiden, die zowel de Malinese als de Europese samenleving treft.

Met de meeste hoogachting,

 

Prof. Dr. Willie van Peer

Mimi Debruyn

v.z.w. Mali-ka-di

Ferdinand Coosemansstraat 87

2600 Antwerpen-Berchem

België

Tel +32-(0)3 2185436

[—————

Geachte Heer Wouters,

Bijzondere dank voor uw telefoon van daarnet [op 19 augustus jl.]. Uw diensten hebben van mij / ons een kopie ontvangen van een brief aan de Heer Karel de Gucht dd. 29 juli jl., waarvan u onderaan in deze email een kopie vindt. Ik wou u net een email sturen met de vraag om een reactie van Buitenlandse Zaken op ons schrijven. Wij begrijpen dat u bezorgd bent om het welzijn van Belgische burgers in Mali en waarderen dit ten zeerste. Echter, de situatie ter plaatse lijkt van dien aard te zijn dat er eigenlijk geen gevaar is voor Belgische toeristen (tenminste zolang ze zich aan veiligheidsvoorschriften houden, zoals niet ’s nacht te reizen): er zijn tijdens het laatste jaar op het grondgebied van Mali geen aanslagen tegen Belgische toeristen gepleegd en ook hebben er geen ontvoeringen van  Belgische burgers plaats gehad. Wij zijn regelmatig in contact met enkele dozijnen landgenoten in het land die ons telkens weer bevestigen dat er in Mali geen terroristische dreiging heerst. Er zijn zeker kampen van AQMI op Malinees grondgebied, vooral in de grensstreek met Mauretanië, Algerije en Libye, maar die vormen vooralsnog geen enkel gevaar voor de typische toeristische oorden die door Belgen bezocht worden. Veeleer wordt voortdurend door vrijwel alle collega’s verwezen naar het diplomatiek conflict tussen Frankrijk en Mali, waarbij eerstgenoemde probeert bovenmatige druk op Mali uit te oefenen door zijn burgers sterk te ontmoedigen om daardoor het toerisme naar Mali te ontwrichten.

Wij willen er graag op wijzen dat Mali naast Zuid-Afrika het enige Afrikaanse land is waar enige vorm van prille democratie heerst, aldus de rapporten van de onafhankelijke organisatie FREEDOM HOUSE in New York (zie onder meer: http://www.freedomhouse.org/template.cfm?page=22&year=2011&country=8086). Deze prille democratie wordt nu door dergelijke negatieve reisadviezen van Westerse landen, waaronder België (dat kennelijk geen onafhankelijke koers vaart, maar zonder meer de Franse lijn volgt), in zijn bestaan bedreigt: door deze negatieve reisadviezen is het aantal jaarlijkse toeristen in Mali van 150.000 naar ongeveer 4.000 gezonken, wat voor een land als Mali een economische catastrofe betekent, terwijl de regering juist bezig was om de toeristische sector te versterken en uit te bouwen.

Het moge duidelijk zijn dat landen die aan de rand van de economische afgrond staan en door Westerse landen in de steek gelaten (of beter: afgestraft) worden, zich zeker niet in de richting van tolerante samenlevingen naar Westers model zullen ontwikkelen, en dat door de huidige negatieve reisadviezen de armoede in het land toeneemt – een betere voedingsbodem kan AQMI zich nauwelijks indenken. Kortom, wij willen er bij uw diensten met klem op aandringen, deze negatieve reisadviezen op te heffen (behalve voor enkele probleemgebieden). Men houdt AQMi zeker niet tot stand door armoede te veroorzaken.

Wij waarderen uw inspanningen voor de Belgische burgers ten zeerste, maar betreuren dat deze grotendeels zijn ingegeven door een diplomatiek geschil tussen Frankrijk / Mali en door onjuiste informatie ten aanzien van de veiligheid van westerse burgers in de typische toeristische gebieden van Mali (Segou, Djenné, Dogon, etc.) Het persoonlijk telefonisch opbellen van potentiële reizigers in België door ambassade-personeel, of het opwachten van Belgische toeristen op de luchthaven van Bamako om hen te ontmoedigen het land te bezoeken, creëert een paniek-sfeer onder potentiële toeristen die totaal ongegrond is – en onzes inziens ook niet tot de verantwoordelijkheden van ambassade-personeel behoort.

Wij vragen u daarom nogmaal dringend, in naam van onze eigen organisatie en van vele anderen, deze uit de lucht gegrepen negatieve reisadviezen aan Belgische en Europese burgers te willen beëindigen. Wijzelf vertrekken over enkele weken voor ontwikkelingshulp naar Mali. Wij kunnen u verzekeren dat wij ons in Mali veiliger weten dan in bepaalde delen van grootsteden in België…..

Met dank voor uw aandacht, en vriendelijke groeten,

Prof. Willie van Peer, Ph.D.

Mimi Debruyn

namens v.z.w. Mali-ka-di

 Dear Readers,

On 29 July of this year we sent an extended request to Karel de Gucht (European Commissioner for Commerce) with cc. to various Belgian and foreign Ministries and embassies / consulates. Until now, only the new French ambassador has replied (albeit acting as if his nose was bleeding: he was here in Mali, so he wrote, to ‘protect’ the innocentFrench citizens that had been kidnapped – in Niger, by the way – so NOT in Mali…) One also wonders whether Malian children who now go hungry as a result of the French quasi-prohibition to its citizens to visit Mali are not perhaps also ‘innocent’ ….

But apart from this hollow reaction, there hasn’t been a single reaction on the part of the Belgian authorities (nor of the Dutch of British, for that matter!) With ONE exception! On 19 August I received a telephone call from Rik Wouters, Secretary-General to the Belgian Foreign Office, and to Steven Vanackere, Deputy Prime Minister of Belgium and Minister of Foreign Affairs. It was quite a weird telephone conversation, which consisted only (after my expressing my gratitude and whether we could discuss these things) of one simple clumsy sentence: “You must write, then I will anser.” (My clumsy translation). Whatever I needed to write to him did not dawn on me, since I HAD just extensively given him all the arguments. But I immediately sent Mr. Wouters and Mr. Vanackere a new email with the repeated arguments against a negative travel advice for Mali. The second half of Mr. Wouters’s sentence, however, has to this very day remained unfulfiled….

Sure I understand that this god-forgotten land (Mali) is no top priority for politicians, and for that reason I exerted quite a good deal of patience. But when not a single reaction is forthcoming after more than five months, one starts wondering (at least) whether the emails have reached their destinations.

In the Dutch version on this website (of course the letters are in Dutch) you will find our latest email (as of today, 13.11.11), of 19 August and of 29 July – all in this very year. Whether we will ever get an answer? I have long thought I lived in a democracy, meaning that people in responsible posts are elected, and thus one would be willing (if only out of the urge for self-preservation) to provide informed answers to serious questions by interested citizens. I am not so sure any more… (about democracy). But maybe you yourself can have a go. Who knows you are more successful than we!…

 

Feest in SikoroFestivities in Sikoro

Feest in SikoroFestivities in Sikoro

Op 29 oktober werd een nieuw ziekenhuis ingewijd in Sikoro – of Segou koro (het ‘oude Segou’ – er is nogal wat discussie over de namen en hun oorsprong hier) en natuurlijk moest dat gepaard gaan met een feest, waar wij natuurlijk ook naartoe moesten. We geven hier onder enkele foto-indrukken van hoe zo’n festiviteiten hier verlopen, vrijwel steeds met marionetten, wat mooi is om te zien en waar het publiek ook dol op is!

Benedenaanzicht

 

 

 

 

 

 

 

De menigte

 

 

 

 

 

 

 

 

De kleuren

 

 

 

 

 

 

 

De Meesters

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Meesters van het feest met hun zwepen

 

 

 

 

 

 

 

De gemaskerde Meester

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het plaatselijk transport

 

 

 

 

 

 

 

Het plunje van de Meester

 

 

 

 

 

 

 

Het publiek onder het zeildoek

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouwen op het plein

 

 

 

 

 

 

 

Vrouwen onder elkaar

 

 

 

 

 

 

 

Tussen het publiek

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

x

 

Het leven in FintigilaDaily life in Fintigila

Het leven in FintigilaDaily life in Fintigila

Beste lezers, misschien heb je je al afgevraagd waarom er nog steeds geen verslagen te lezen zijn van onze bezoeken aan het dorp Fintigila (inmiddels toch al twee keer na de opening van de school). Daar is een reden voor: we vinden het onnoemelijk moeilijk om dergelijke ervaringen in woorden te vatten voor lezers die dergelijke situaties helemaal niet kennen. Aan de andere kant vinden we het des te belangrijker om tenminste te proberen iets van die ervaringen weer te geven. Tenslotte zijn problemen van onderontwikkeling moeilijk te begrijpen zonder enige kennis van de ingangsvoorwaarden die dergelijke onderontwikkeling veroorzaken. Daarom doen we een poging – of beter, zullen we meerdere pogingen doen om tenminste enkele van onze indrukken hier weer te geven. Sommige ervan zijn uiterst vreemd, sommige zijn grappig, weer andere zijn zonder meer shockerend.

Daarbij willen we benadrukken dat alles wat we over ons leven in dit dorp beschrijven voortkomt uit een diep respect voor de mensen die we daar ondertussen hebben leren kennen – we zouden ons de moeite van onze verblijven daar (en de ontberingen die ze met zich meebrengen) zonder een diepe sympathie voor het lot van de mensen aldaar die in dergelijke condities moeten leven (en die niet zelf gekozen hebben!) Een dergelijke attitude maakt echter een beschrijving niet per se eenvoudiger, vaak het tegendeel….

 You may have noticed that even after two visits to ‘our’ village of Fintigila we still haven’t reported on our experiences. There is a reason for that: we find it extremely difficult to describe these experiences in words to readers who have not been in situations like these. Nevertheless, we believe it is important for us to at least in part try to impart some impressions to our general readership. After all, problems of underdevelopment are difficult to understand if one does not know the initial circumstances that feed into such underdevelopment. So we will make an effort – or rather several efforts, in the hope we can get across some of our experiences. Some of these may be strange, funny, or indeed downright shocking. Please consider that in all cases we write out of a deep respect for the people we have come to know there – we wouldn’t go to all the personal trouble (or indeed endure the hardships involved) if we would not be in deep sympathy with the plight of people living in those conditions. (But such attitude does not necessarily make life easier….)

Kievitornithology

Kievitornithology

Gisteren was ik in Fintiguila samen met twee andere mannen op zoek naar gunstig gelegen plekken aan de oever van de Bani-rivier om er tuintjes te beginnen. De bodem van sommige plekken zou zich uitstekend lenen voor het aanplanten van aardappelen, en daarvoor is in Segou zeker een afzet-markt.

Ik werd geattendeerd op de sporen die een slang in het zand had achtergelaten – voor het eerst kon ik zien welke sporen die achterlaat wanneer ze zich voortbeweegt in het zand van de savanne. Het was duidelijk dat de plaatselijke bewoners een superieure kennis van de natuur hebben, zo dacht ik. Tot we aan de oever van de rivier een koppeltje kieviten zagen, niet ‘onze’ kievit natuurlijk, maar een variant die hier in West-Afrika in waterachtige gebieden veelvuldig voorkomt: de vanellus spinosus.

sporenkievit (vanellus spinosus)

 

In het Bambara, de plaatselijke taal van de Somono’s die hier wonen, wordt die kievit ’toume-toume’ genoemd, wat zoveel wil zeggen als de vogel die nooit slaapt. De reden daarvoor is dat de vogel in kwestie weet dat Allah zijn ziel wil roven. (Waarom Allah dat zou willen, terwijl hij de kievit toch zelf gemaakt heeft volgens het islam-geloof, kwam geen antwoord.) De kievit meent echter aan dat lot te kunnen ontsnappen door nooit te slapen – vandaar zijn naam. Daarom ook (zo ging mijn informant verder) is de toume-toume een vogel die met een steen op zijn hoofd slaapt. Zo gauw die steen van zijn hoofd glijdt, wordt hij wakker en ontsnapt dus aan Allah’s rooftocht. (Waarom Allah niet toeslaat terwijl de kievit met de steen op zijn hoofd slaapt, wist mijn informant niet, evenmin hoe een kievit in de allereerste plaats een steen op zijn hoofd gelegd krijgt….) In ieder geval een mooi verhaal, reden waarom ik het hier opschrijf, want ik geloof niet dat het al eerder in ornithologische werken is genoteerd. (Volledigheidshalve er nog aan toevoegen dat mijn man enkele jaren aan een Malinese universiteit heeft gestudeerd – in een natuurwetenschappelijk vak nog wel! – en van zichzelf beweert, in tegenstelling tot vrijwel alle Malinezen, NIET in toverij te geloven!…)

Kievit op zoek naar een steen

 

 Yesterday I was in Fintiguila together with two local men looking for patches of land near the Bani-river that would qualify as ideal for vegetable gardens. Some parts indeed looked ideal (because of the composition of the soil – and of course because of the vicinity of water) for growing potatoes, and there certainly is a market for them in Segou.

The men drew my attention to traces a snake had left behind while moving through the sand, the first time I ever saw this. So my immediate reflection was what superior knowledge of nature locals had over me – or over Westerners generally. Until we got to the banks of the river where I spotted a pair of lapwings – not the European one, of course, but a local variety (the spur-winged lapwing), vanellus spinosus, that is rather frequent here at the waterside.

Spur-winged lapwing (Vanellus spinosus)

Enquiring after its local name I was told that in Bambara, spoken by the Somono’s who live here, the bird is called ‘toume-toume’ which means something like ‘the bird that never sleeps’, the reason being that Allah is constantly hunting for its soul. (Why Allah would do such a thing, while he had created the bird in the first place, was not the kind of question to be asked.) The lapwing knows about Allah’s plan and believes he can escape his fate by staying awake at all times. That is also why (according to my informant) the toume-toume bird sleeps with a stone on its head. As soon as the stone slips off its head, it awakes and thus getting away from Allah’s pursuit. (Why Allah does not strike while the bird is asleep with the stone on its head, or how the bird arrives at getting a stone on its head in the first place, were likewise questions without answers.) In any case it’s a lovely story which I wrote down here because, as far as I know, it has not been recorded yet in existing works of ornithology.

(Maybe interesting to complete the story is the fact that I was told it by someone who has spent a couple of years study at a Malinese university – at in the sciences at that! – and who asserts of himself that he does not, in contrast to most Malians, believe in magic or sorcery….)

Lapwing in search of a stone...

 

 

Breaking news! De FANGA school is vorige donderdag officieel geopendBreaking news! Breaking news! The FANGA school opened officially last Thursday!Breaking news!

Breaking news! De FANGA school is vorige donderdag officieel geopendBreaking news! Breaking news! The FANGA school opened officially last Thursday!Breaking news!

Het is eindelijk zover: onze FANGA school in het dorpje Fintigila in de savanna is vorige week donderdag officieel geopend: ga naar PROJECTEN en dan naar HET FANGA PROJECT IN FINTIGILA voor een verslag, vele foto’s en hopelijk ook enkele filmpjes.

 

 Finally!! Last Thursday the FANGA school we founded in the village Fintigila in the savanna opened officially last Thursday. Go to PROJECTS on this website, then to THE FANGA PROJECT IN FINTIGILA for a report, dozens of pics and hopefully also some film fragment.

 

 

MelopeeMelopee

MelopeeMelopee

voorbijvarende prauw

 

 

 

 

 

 

 

De Niger-stroom is aanzienlijk breder dan vorige keer (in het droog seizoen), ik schat wel een kilometer of twee. En de prauwen die erover varen zijn werkelijk majestatisch van elegantie. Doen denken aan Paul van Ostaijen’s gedicht:

MELOPEE

Onder de maan schuift de lange rivier

Over de lange rivier schuift moede de maan

Onder de maan op de lange rivier schuift de kano naar zee

Langs het hoogriet

langs de laagwei

schuift de kano naar zee

schuift met de schuivende maan de kano naar zee

Zo zijn ze gezellen naar zee de kano de maan en de man

Waarom schuiven de maan en de man getweeën gedwee naar de zee

Hier krijgt dat bekende gedicht een heel nieuw perspectief!

Slavenwerk
De stroom doet ook dienst als bron voor … zand! Met hun smalle prauwen varen ze meestal met twee de stroom in. Een van hen duikt naar de bodem met spade en een emmer en schept de emmer vol zand, de ander trekt hem naar boven, en de duiken zwemt naar de oppervlakte om op adem te komen. Dan opnieuw naar beneden, tot de hele boot vol is… Dan met de prauw naar de oever, daar met de schop alles op de oever uitladen, tot een vrachtwagen het zand komt ophalen, dan moet het ook nog op de vrachtwagen geraken, alles met mankracht dus: werkelijk slavenwerk! En hoogstwaarschijnlijk voor slechts enkele Euro’s!

gliding canoe on the Niger

 

The Niger-river is considerably wider than last time (in the dry season), I guess some 2 km wide at the moment. And the canoes that glide over it are really majestic and bring back memories of  Paul van Ostaijen’s poem:

Mélopée – Paul van Ostaijen

Under the moon the long river slides
Over the long river the moon sleepily slides
Under the moon on the long river the canoe slides to sea

Past the high reed
past the low pasture
slides the canoe to sea
slides with the sliding moon the canoe to sea
So to sea they are companions the canoe the moon and the man
Why do the two the moon and the man meekly slide to sea

(transl. Marcel Volker)

From this vantage point this well-known Flemish poem gains a new dimension and a profounder perspective.

 

Slave work

The river also serves as a source for …. fine sand. With their elegant canoes they usually go to the middle of the river with two or three on board. On of them dives to the bottom with a bucket and fills it with a spade while one of the others pulls it up, empties it in the canoe, while the diver comes up for air shortly and then recommences his work. Until the canoe is full of sand, which is then unloaded unto the bank of a river, loaded (by hand, what else?) onto a truck, real slave work! And in all probability just for a few Euros of work.

But Monique tells a story of a friend of hers who did this for three months, just to earn his motorbike – nothing more, otherwise all of his family would come to him for food….

Professionele vormingProfessional formation revisited

Professionele vormingProfessional formation revisited

Vandaag (27 september) was er weer cursus ‘Formation Professionelle’, ben deze keer zelf mee geweest, en ben helemaal niet zo negatief meer. De groep bestaat uit een 12-tal mannen en een 5-tal vrouwen, geen onderscheid naar geslacht, al doen de vrouwen veel meer dutjes (maar ja, ze moeten waarschijnlijk ook veel harder werken). De sfeer was uiterst positief: er werd geluisterd, genoteerd, vragen gesteld, en vooral NIET gekletst tussendoor. Dat is men wel eens anders gewend…. En de leraar is een jong en mager ventje, helemaal niet het soort bullebak dat het hier normaal voor het zeggen heeft, heel rustig, wandelt ook kalm tussen de deelnemers door. En dan is er groepswerk met een duidelijke opdracht. Natuurlijk is het niveau bedenkelijk laag, maar wat wil je in een land waar leren geen traditie heeft en waar men pas ontdekt heeft dat het belangrijk is. Maar er werd ernstig nagedacht en je kon merken dat de hersens in beweging kwamen.

Tijdens de middagpauze lekkere couscous en vriendelijk onderhoud met de andere cursisten. Ik had het gevoel dat de deelnemer verrijkt naar huis gingen, hoe weinig het ook was, het was iets. En met dat ‘iets’ moet Mali beginnen.

De cursus werd dit keer gegeven in het Centre d’Artisanat, een reusachtig gebouw dat opgetrokken is om expositieruimtes en ateliers voor de verschillende kunstambachten onder te brengen. Maar ja, wie komt er die dingen bekijken en kopen als de toeristen wegblijven?

Sommige leslokalen leken ook PERFECT voor onze Engels cursussen, maar Souleymane merkte al meteen fijntjes op dat dat niet zou lukken: Ook al zouden die lokalen leeg staan, ze zijn alleen voor ‘artisanat’ geoormerkt, en mogen voor niets anders gebruikt worden…. Flexibiliteit is nog ver te zoeken.

Overigens hoor ik niets meer over de cursus Engels: Souleymane zou de mensen samenbrengen, maar nog niets concreets. Via de plaatselijke radio zou hij ook op zoek gaan naar een vertaalster voor ons, tot op heden zonder resultaat…. Jammer, want dan zouden we hier op straat spelletjes met de kinderen kunnen organiseren…. Geduld, geduld…..Today (27 September) there was another course ‘Formation Professionelle’, and this time I (Willie) went along. And I must say much of my initial criticism evaporated. The group consists of some 12 men and 5 women – no gender difference apparent, albeit that the women take more catnaps (but then they presumably must work much harder….) The atmosphere was quite positive: people listened, took notes, asked questions, were concentrated on the materials, and … there was no chatting in between. I have seen things much less serious in the Old World. The teacher is rather young and slim, not at all the type of bully who normally has the say here. He is calm and emanates professionalism – walks calmly between the rows of chairs. And then there is group work with a clear assignments. The level is pretty low, which is what you would expect here: what do you want in a country where learning is not something that is considered important. So I was quite impressed by the seriousness and to see that brains were being made to use.

During lunch time quite good couscous and friendly contacts with other participants. I had the impression that they all went home enriched and were looking forward to the next session. How little it might have changed in the heads of participants, it was something. And Mali has to start with such ‘something’.

The course was taught this time in the Centre d’Artisanat (handicraft centre), a very large building meant for exhibition rooms and work studios for artists. But who will come and buy the exhibits if the tourist aren’t coming?

Some of the lecture rooms look perfect for our English courses, but Souleymane cut me short immediately: we will never get those rooms, because they are marked only for handicraft activities. Even if they are empty and not in use, no way: flexibility is something still to be desired….

Incicentally, I don’t hear anything any more about the English courses…. We would also try to canvass a (preferably female) translator Bambara – French over the local radio, but no result so far – pity, because we could organize games with the children in the street…. Patience, patience….

Nog enkele foto’s uit de omgevingSome more pictures from our environment

Nog enkele foto’s uit de omgevingSome more pictures from our environment

De vorige serie foto’s die we op onze website postten waren enigszins flatterend en deden misschien het idee ontstaan dat we hier in paradijselijke omstandigheden wonen. Niets is minder waar. Gisteren (11 oktober) maakte ik een wandeling van een uur door onze straat en maakte daarbij wat opnamen. Ik geef ze hier weer, zonder commentaar (tenzij de titels van de foto’s): het zijn meestal geen hartverheffende beelden (sommige zelfs ronduit schockerend, men is gewaarschuwd!), maar ze geven wel een veel reëler beeld dan de vorige serie. Misschien wil je nu helemaal niet meer naar Mali komen, maar dat zou een fout besluit zijn, want juist de aanwezigheid van Westerlingen kan hier heel wat veranderen….

Hier gaan we:

 

Zo woont men hier

 

 

 

 

 

 

 

Zijstraat met steunberen

 

 

 

 

 

 

 

Vrouwen bereiden het eten

 

 

 

 

 

 

 

Rotisserie

 

 

 

 

 

 

 

Zo laat je hier je afvalwater weglopen

 

 

 

 

 

 

 

Open riool

 

 

 

 

 

 

 

Kip in de open riool

 

 

 

 

 

 

 

De open riool

 

 

 

 

 

 

 

De kip doet zich tegoed aan al het lekkers

 

 

 

 

 

 

 

Zonder kinderen ben je hier nooit
Zonder kinderen ben je hier nooit

 

 

 

 

 

 

Willie in het fietsenverkeer

 

 

 

 

 

 

 

woonkamer in de kuip

 

 

 

 

 

 

 

Het rond punt

 

 

 

 

 

 

 

Ezeltjes voor de was

 

 

 

 

 

 

 

Onze straat op de middag

 

 

 

 

 

 

 

Een Afrikaanse vrachtwagen in de stad

 

 

 

 

 

 

 

Ontmoeting Christiane de Wittink aan het busstation

 

 

 

 

 

 

 

Christiane de Wettink verder op weg naar Koutiensou

 

 

 

 

 

 

 

nieuwe zendmast in de straat

 

 

 

 

 

 

 

Mangeants voor de winkeltjes

 

 

 

 

 

 

 

Karretje met hutje

 

 

 

 

 

 

 

Hutje in de straat

 

 

 

 

 

 

 

De ezels bewaken de was

 

 

 

 

 

 

 

cité de la cruauté

 

 

 

 

 

 

 

Onze vruchten-verkoopster

 

 

 

 

 

 

 

Het harde werk aan de stroom

 

 

 

 

 

 

 

De alomtegenwoordig brandende vuilnishopen

 

 

 

 

 

 

 

En weer een vuilnishoopje

 

 

 

 

 

 

 

En nog eentje, op de hoek van de straat

 

 

 

 

 

 

 

Brommers en stof

 

 

 

 

 

 

 The previous series of pictures that we posted here may have looked a bit flattering and may have created some paradisical visions in the spectator. Nothing is further from the truth. Yesterday (11 october) I made a walk of about 1 hour through our street and just shot some random pictures of what you see around you here. The follow below, without muchy commentary: most of them are not really heartwarming (some are even downright shocking, so you are warned!), but hey give a much more realistic image than the previous series. Maybe these pictures put you off to coming to visit Mali altogether, but that would be detrimental, because the more people come to visit, the better the chances are that things might evolve toward a more rational, hygienic and hopefully quality better life for all people.

Here we go:

That is how one lives here
Side street with abutments
Woment preparing food
Grill house

That’s how you dispose of your wastewater

Open sewers everywhere in the towns
The  chicken like it!
More open sewers
The chicken finds A LOT to eat there!
Zonder kinderen ben je hier nooit
You’re never out of sight of children here!
Willie in the street traffic
Our new living room arrangements: down in the downpart: cooler and better to concentrate!
The roundabout in town
Donkeys in front of the laundary
Our street at noon
African truck in town

Brief encouner with Christiane de Wittink at the bus station, on her way so Susy Spaendonck
Christiane de Wettink on the road again toward Koutiensou
new radio mast in our street

Mangeants (children bettling for food) in front of the shops

Handcart with little cardboard hut
Little hut in the street

 

Donkeys guard the laundary
cité de la cruauté (City of Cruelty)
Our fruit sellet
The hard about at the river
The ever present burning rubbish heaps
En weer een vuilnishoopje

 

 

 

 

 

 

 

En nog eentje, op de hoek van de straat

 

 

 

 

 

 

 

Brommers en stof