Bezoek Fintiguila (3/1/2019)

Bezoek Fintiguila (3/1/2019)

Stipt om 7 u staan de auto’s klaar en vertrekken we. We stoppen iets voorbij het laatste dorp, om de ‘kathedraal’ van baobab bomen te bewonderen.

Maar door dit onoplettendheid geraken we ‘de weg’ kwijt (die er niet is) – en we belanden op een karrenspoor dat niet het juiste is. Uiteindelijk rijdt een oude man met pijp ons voor op de fiets.

Even later moet de Mercedes met mankracht worden opgetild boven een boomstronk op de ‘weg’ om te beletten dat we blijven steken.

En dan het dorp: voor Marguerite is het 7 jaar geleden dat ze nog in het dorp was, voor Mimi 3 jaar. Het dorp zelf is aanzienlijk uitgebreid met zeker een 10-tal meer huizen, die er vaak keurig bij liggen…

Maar vooral het weerzien met de vrouwen is bijzonder hartelijk. Mimi is opgetogen dat ze de moeder van Kadidja weerziet, maar die is ontroostbaar door het recente overlijden van haar zoon, die 6 kleine kinderen heeft nagelaten. Of… scheelt er iets met deze oude vrouw? Het blijft onduidelijk…

Op bezoek bij het dorpshoofd bespreken we een aantal moeilijkheden, waaronder het feit dat de gierstmolen nog steeds niet in gebruik is. Souleymane zegt expliciet dat wij ontgoocheld zijn dat het dorp niet meer initiatief neemt, dat de vrouwen al sinds 2011 om een gierstmolen gesmeekt hebben, dat onze vorige voorzitter, Paul Wouters, een hele actie op touw heeft gezet om de molen te financieren (uiteindelijk heeft de molen met bijhorende generator 5.300 Euro gekost), terwijl hij al een jaar in het dorp staat en nog steeds niet gebruiksklaar is door het gebrek aan medewerking. Er vindt een pittig gesprek plaats met de verantwoordelijke.

Uiteindelijk wordt overeengekomen dat alles voor de aansluiting in orde moet zijn op uiterlijk 30 januari – zo niet wordt de molen door Souleymane weg gehaald, en geven we hem aan een ander dorp. Het hele overleg heeft meer dan een uur geduurd, en er zijn harde noten gekraakt. Van groot belang daarbij was de inbreng van Youssouf, die zich herhaaldelijk in de discussie mengde, zowel inhoudelijk namens Mali-ka-di alsook om sommige mannen tot de orde te roepen.

Dit mag misschien enigszins negatief klinken, maar is dat niet: wij doen niet aan ‘ontwikkelingshulp’, maar aan bewustwording en het ontwikkelen van eigen verantwoordelijkheid. De samenwerking met het dorp was vanaf het eerste begin gebaseerd op de eigen inbreng van de bewoners. Wij zijn er alleen maar om dat proces te steunen. Dit is een leerproces voor beide partijen: voor het dorp om niet in inertie te vallen, voor ons om alert te blijven voor de verdere bewustwording.

De verbroedering met de mensen van het dorp is uiterst joviaal.  Overal worden handen geschud en begroetingen geuit, overal worden foto’s gemaakt.

We zien ook de tweeling terug die we 7 jaar geleden gered hebben, nu grote kinderen al:

Daarna ging het naar de klassen. We zijn diep onder de indruk van de onderwijzer van het 1ste leerjaar: op een speelse manier, en tegen een hoog ritme leert hij de kinderen Frans.

Hij laat ze allerlei opdrachtjes vervullen waarvoor ze eenvoudige Franse woorden moeten gebruiken. En die kinderen hebben er reuze plezier in.

Nadien blijkt ook Souleymane ontroerd te zijn door de kwaliteit van de les en het enthousiasme van de leerlingen na hun eerste drie maanden 1ste studiejaar.

Helaas wordt deze leermethode niet verdergezet in het 2de leerjaar. De lerares is weinig begaan met de leerlingen, helpt niet wanneer ze een rekenopgave niet goed kunnen, is zelfs enigszins denigrerend tegenover sommige kinderen.

En het leren ‘aftrekken’ met behulp van ‘bâtonnets’ of ‘stokjes’ lijkt ons totaal ongeschikt. Ook het steeds moeten verantwoorden hoe men tot een uitkomst komt, lijkt ons overdreven tijdverlies, om niet te zeggen ‘demotiverend, voor het intellectueel ontwaken’ van de leerling.

In de 3de klas zijn de kinderen bezig met het kopiëren van een tekst op bord.

Blijkbaar is deze meester door de Malinese staat aangesteld. Anders dan de overige meesters wordt hij door de staat betaald. Ook het dorp betaalt één van de meesters, Mali-ka-di de 4 overige …

De leerkracht van de 4de klas is zeer actief en luidruchtig, de opgaven zijn echter vrij triviaal: het spellen van woorden zouden de kinderen al lang moeten kunnen. En antwoorden op de vraag hoeveel lettergrepen er in “jeu-di” zijn, is niet echt moeilijk voor een 4de klas. Youssouf spreekt de kinderen nog toe, hoe belangrijk leren is voor hun toekomst.

Bij meester Henry in de 5de klas worden behoorlijke sommen gemaakt.

De grote verrassing is echter de les aardrijkskunde in de 6de klas: leerlingen duiden diverse landen van Afrika op de kaart aan en er wordt een wereldbol gebruikt.

Ook onze stafkaart van Fintiguila en omgeving hangt aan de muur. Helaas vlot het lezen niet zoals gehoopt: leerlingen komen om beurten naar voren en lezen 2 zinnetjes die op het bord staan. Uit hun intonatie blijkt dat ze de grammaticale structuur van de zinnen nauwelijks begrijpen.

Heel wat leesalbums liggen ter inzage op de lessenaar van Meester Chaka, maar wanneer een jongen een korte Franse tekst uit een willekeurig prentenboek voorleest, gaat dit gepaard met horten en stoten… Aan begrijpend lezen moet echt meer tijd worden besteed!

Tenslotte bezoeken we de les kleermakerij in het atelier. Opvallend genoeg is de vloer niet geveegd en overal ligt er reststof en rommel op de grond en in de hoeken.

De leraar knipt zelf de stof in plaats van de leerlingen, die er wat verveeld bij zitten en slechts af en toe gaat er iemand stikken op de naaimachines.

Dit is echt niet het naai-atelier dat we ons voor ogen hadden. Uiteraard is dit onmiddellijk voorwerp van gesprek – én van actie: Souleymane aarzelt niet om de leerkracht te ontslaan, temeer omdat hij voordien al een maning had gekregen.

We bekijken ook de elektriciteit, en die moet dringend afgeschermd worden, maar zo dat ze niet oververhit kan worden.

’s Middags trekken we door het hete zand naar de oever van de Bani, en nestelen ons in de schaduw van een boom. Peulh met een kudde runderen laten hun dieren in de rivier drinken. Laurens (Sidibe) en Willie (Diallo) voelen zich intussen verbonden met hun ‘stamgenoten’. En verder genieten we van de paradijselijke rust en de sfeer aan het water.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *